Krachtige kernen

Leefbaarheid
De leefbaarheid in onze kernen vinden wij een groot goed. Wij realiseren ons echter ook dat de demografische ontwikkeling een forse impact heeft die niet te stoppen is. Dit gaat gevolgen hebben voor de voorzieningen in de kernen. Een vergrijzende bevolking brengt andere behoeften met zich mee. Voorzieningen in de kernen kunnen en mogen niet overwegend afhankelijk worden van overheidssubsidies. Dit college wil dan ook investeren in levensvatbare initiatieven die de leefbaarheid in stand kunnen houden. Alleen op deze wijze blijven kernen ook aantrekkelijk voor jongeren.

Ervaringen in de Scandinavische landen leren dat leefbaarheid vooral zit in de sociale cohesie en de activiteiten die een gemeenschap met elkaar onderneemt en niet in de ‘stenen’. Juist op dit vlak wil dit college een impuls geven en daagt zij de kernen uit om initiatieven te ontplooien. Daarbij moeten we ook zuinig zijn op onze traditionele evenementen en gebruiken. Daar waar mogelijk ondersteunt de gemeente de organisatie en versimpelt in elk geval de regelgeving. Ook ontmoetingsplaatsen zoals jongerenketen en jongerencarnaval hebben hun maatschappelijke betekenis bewezen en verdienen waardering. Sport, met name door en voor jongeren vormt ook een factor van betekenis in het kader van leefbaarheid.

Een nieuw perspectief op leefbaarheid brengt met zich mee dat voorzieningen goed bereikbaar moeten zijn, zowel fysiek, digitaal als mobiel. Dit geldt voor zowel inwoners van de kernen als van het buitengebied. Aanwezigheid van een voorziening in een kern is dus niet altijd vereist, digitale ontsluiting wel. Daar waar concentratie van voorzieningen in de nabijheid de toekomstbestendigheid verhoogt, heeft dat de voorkeur van dit college. Logischerwijs vindt die concentratie dan met name plaats in de verzorgingskernen.

In het kader van leefbaarheid blijft noaberschap voor ons een vaste waarde. Het college wil de noaberschap inzetten en ondersteunen om mensen zo lang mogelijk thuis te kunnen laten wonen. ‘Samen oud worden’.

Gebiedsvertegenwoordiging
Wij zien gebiedsvertegenwoordigers als onmisbare partners, waarmee wij maatschappelijke effecten in de samenleving willen bereiken. Kernraden nemen daarbinnen een positie in, maar daarnaast wil het college ook zeker in overleg met vertegenwoordigers van specifieke doelgroepen zoals sporters, ouderen, jongeren, enz. om de overheidsparticipatie te maximaliseren. Wij willen aansluiten bij de kracht en de initiatieven uit de samenleving. Continue gaat het college daarbij de rol van de overheid overwegen. Ook wil het college investeren in web-platforms om zo de bereikbaarheid van de gemeente en de gemeenschappen onderling te bevorderen. Bestuurders zijn digitaal benaderbaar en bereikbaar.

Duurzaam Dinkelland
In de afgelopen periode zijn diverse initiatieven vanuit de samenleving ondernomen op het gebied van duurzaamheid. Het welslagen van dergelijke maatschappelijke initiatieven is in belangrijke mate afhankelijk van de drie criteria “gemak, gewin en genot”. Met name op deze criteria zullen wij onze eigen rol laten aansluiten. Onze rol zal met name bestaan uit regisseren, faciliteren en verbinden. Daarnaast zien wij voor onszelf een rol waar het gaat om voorlichten, stimuleren, het verminderen van formele belemmeringen en verwijzen naar subsidiemogelijkheden. Waar mogelijk gaan wij het goede voorbeeld geven en ons aansluiten bij initiatieven vanuit de samenleving. Wij hanteren daarbij wel het principe van ‘Twentse nuchterheid’.

Duurzaamheid staat echter niet op zichzelf. Binnen het spectrum van gemeentelijke taken ligt en een directe relatie met afvalinzameling. Niet alleen is afval inmiddels ‘big business’, eigenlijk bestaat afval niet. Het afval van vandaag is de grondstof van morgen. Hergebruik van materialen en energiewinning spelen daarbij een belangrijke rol. Dit moet leiden tot lagere kosten voor onze inwoners. Daartoe zal het huidige inzamelsysteem in brede zin verder moeten worden geoptimaliseerd.

Openbare ruimte
Voor de kwaliteit van de openbare ruimte hanteren wij de filosofie van beeldkwaliteit, die is uitgewerkt in een systeem van integraal beheer van de openbare ruimte. Centrale thema’s daarbinnen zijn ‘schoon’, ‘heel’ en ‘veilig’. Ook bewoners en ondernemers kunnen veel bijdragen aan de kwaliteit van de openbare ruimte. Wij willen hen daarom graag actief betrekken bij het beheer van de openbare ruimte, onder andere door middel van het gebiedsgerichte beleid en burgerparticipatie. De eerste experimentele ervaringen die hiermee zijn opgedaan, zoals bij Engels’ Tuin in Ootmarsum, zijn positief en verdienen navolging.

Rondweg Weerselo
De realisatie van een rondweg om Weerselo blijft uit oogpunt van leefbaarheid en verkeersveiligheid van groot belang. De herontwikkeling van het centrum van Weerselo is hier namelijk onlosmakelijk mee verbonden. Wij willen dan ook maximaal inzetten op het zo spoedig mogelijk realiseren van de rondweg. Alle regionale, provinciale en landelijke beïnvloedingsmogelijkheden zullen wij hiervoor inzetten.

Centrum Weerselo
De plannen voor herstructurering van het centrum van Weerselo bevinden zich in een cruciale fase. De plannen voldoen aan het criterium levensvatbaar. Er moet een balans gevonden worden tussen ruimtelijke kwaliteit en de belangen van de (onmisbare) ondernemers. Het vrijkomende voormalige gemeentehuis wordt in de plannen betrokken. Het bestaande budget blijft een uitgangspunt.

Tweede fase Dusinksweg
Met de realisatie van de eerste fase van de herstructurering van de Dusinksweg is een begin gemaakt met de lang gekoesterde wens van Ootmarsum en omgeving. Het is voor het college evident dat ook de tweede fase gerealiseerd moet worden. Gezien de verwachte verkeersintensiteit, wil het college een vrij liggend fietspad overwegen. Binnen het financiële masterplan krijgt dit project een hoge prioriteit en het college is bereid om bestaande projecten te heroverwegen.

Sportcomplex Dorper Esch / binnensportaccommodaties
De aanwezigheid van adequate zwem- en sporthalvoorzieningen in Dinkelland is voor ons een vanzelfsprekendheid. Gezien de ervaringen van de afgelopen jaren met de privatiseringsoperatie en het uitblijven van een concrete bieding in het kader van de privatisering van sportcomplex Dorper Esch heeft het college geen vertrouwen in een goede afloop van dit traject. Het college wil dan ook het heft weer in eigen hand nemen en met voortvarendheid werken aan een passende voorziening.

Voor Dorper Esch geldt dat een investering in deze voorziening toekomstbestendig moet zijn. Gezien de demografische ontwikkeling wil het college de verhouding wedstrijdbad-recreatiebad-doelgroepenbad heroverwegen. Het college wil dit doen in goed overleg met de gebruikers van Dorper Esch, op basis van feiten en gebaseerd op Dinkellands gebruik. De bedrijfseconomische voordelen zoals het onderbrengen van personeel in een stichting (op termijn) en energiebesparende maatregelen willen wij benutten, echter zonder experimentele constructies toe te passen. Mogelijk is dit ook toepasbaar voor de overige binnensportaccommodaties.

Het bestaande financiële kader blijft voor het college vooralsnog uitgangspunt. Het vastgestelde rapport ‘Samen scholen 2030’ leert dat in het kader van de demografische ontwikkeling ook de onderwijshuisvesting in Denekamp op termijn heroverwogen moet worden. Concreet gaat het dan om de basisscholen de Veldkamp en de Zevenster met bijbehorende gymzalen. Daarnaast speelt in de nabijheid nog de druk op de exploitatie van het Kulturhus in Denekamp.

Het college wil overwegen of, door een combinatie en de concentratie van voorzieningen met zowel het Kulturhus als ook met sportcomplex Dorper Esch de krachten en financiën gebundeld kunnen worden. Doelstelling zou dan een efficiënte centrale voorziening moeten zijn met een toekomstbestendige exploitatie en minimalisering van de kosten. Het college wil een onderzoek dat zal zijn gericht op een structurele oplossing voor de problematiek van Dorper Esch dit jaar afronden.

DTC’07
De provincie Overijssel verleent definitief geen medewerking aan een voetbalcomplex aan de Frensdorferweg. Daarmee is de accommodatiediscussie, inclusief de financiële consequenties, terug bij af. Het college wil deze discussie samen met vertegenwoordigers van DTC’07, Tilligte en Lattrop, ‘met een schone lei’ en een ‘frisse blik’ opnieuw opstarten. Wij willen de accommodatiediscussie in elk geval plaatsen in het perspectief van de demografische ontwikkeling en het nieuwe denken over leefbaarheid en financiële middelen inzetten die passen bij die uitgangspunten.